Beijumers zetten Kardinge op de ‘natuurkaart’ van Groningen

Groningen

“Een geïsoleerde natuurparel die uit haar voegen barst”. Dat was de reden voor de Beijumers Erik Knollema en Rob Lindeboom om een plan te maken voor het verbinden van Kardinge met andere natuurgebieden rondom Groningen: het ‘Kardings ontzet’.

Het nog jonge natuurgebied Kardinge heeft de afgelopen jaren een groeispurt gemaakt. Het gebied is inmiddels 275 hectare groot en herbergt een grote verscheidenheid aan natuur: bos, moeras, open water en bloemrijke graslanden. Het gebied herbergt bijzondere plantensoorten als de grote ratelaar, blauwe knoop en stijve ogentroost. Ook leven er vele soorten vogels, vlinders en libellen.

Menselijke barrières

Voor veel dieren is het gebied echter onbereikbaar. Dit vanwege verschillende menselijke barrières. “Het is de hoogste tijd om Kardinge aan te sluiten op bestaande natuurnetwerken. Dan kunnen we hier straks dieren als de otter, bever en das, maar ook heikikker, waterspitsmuis en groene glazenmaker verwelkomen", vertelt Knollema. “In hun kielzog kan een scala minder zeldzame diersoorten volgen. Dieren als bunzing, wezel, hermelijn, dwergmuis, egel, haas, noordse witsnuitlibel, geelsprietdikkopje en oranje zandoogje. Door wegen, steile oevers en andere blokkades kunnen zij Kardinge nu niet bereiken. Terwijl het voor deze bedreigde dieren van groot belang is om het leefgebied uit te breiden. Dat vergroot hun overlevingskans. En omgekeerd kan bijvoorbeeld de poelkikker straks vanuit Kardinge de sprong maken richting Meerstad.”

Initiatief van omwonenden

“Het gaat hier om een bijzonder initiatief”, legt boswachter Reiner Hartog uit. “De omwonenden zijn met dit plan echt in de schoenen van de boswachter gaan staan. Geweldig dat mensen zo betrokken zijn bij Kardinge. Natuurmonumenten vindt het heel belangrijk om naar de omgeving te luisteren.” De boswachter is enthousiast over de samenwerking en hoopt dat het plan omarmd wordt door de provincie, het waterschap Noorderzijlvest en de gemeente Groningen. “Kardinge hoort echt bij de stad en afgelopen jaren hebben we met omwonenden veel voor elkaar gekregen", weet Hartog. "Zo heeft Natuurmonumenten samen met Beijumers een inrichtingsplan gemaakt voor de zuidelijke wijkrand en hebben we een plukbos aangelegd. Maar het ‘Kardings Ontzet’ gaat nog een stap verder.”

Positieve reacties

Om de genoemde barrières op te kunnen heffen is de medewerking van verschillende partijen nodig. Zo dient het waterschap de oevers van het Eemskanaal aan te passen en moet de provincie onder de Rijksweg (N360) een faunatunnel aanleggen. “Volgens ons is dit een goed moment omdat de damwanden in het Eemskanaal momenteel worden aangepakt door het waterschap. Ook is de provincie nu bezig met de voorbereidingen voor een reconstructie van de Rijksweg.” Stadsecoloog Klaas van Nierop is nauw betrokken bij alle plannen en staat met raad en daad klaar.

In 2 stappen

In eerste instantie wordt geprobeerd een verbinding tussen Kardinge en Meerstad te realiseren. Van daaruit moeten dieren kunnen migreren naar het Dannemeer en Roegwold, Hunzedal en Zuidlaardermeer. Lindeboom: “De volgende stap is om te kijken hoe de ‘tocht om de Noord’ gemaakt kan worden vanuit Kardinge richting Koningslaagte en Reitdiepdal. De bever en waterspitsmuis uit het Zuidlaardermeer en Hunzedal zouden dan via Kardinge naar het Lauwersmeer kunnen en vice versa. Langs de zuidkant van de stad loopt straks de Ecologische Hoofdstructuur (Natura 2000), aan de noord en oostkant van de stad ‘de tocht om de Noord.”

Auteur

Marc Jansen