Portret Herman en Géa Boiten | Introspectie op een boltjalk

Groningen

Velen dromen ervan op een schip te wonen. Het therapeutenechtpaar Herman en Géa Boiten leeft in die droom. “Maar als er iets ernstigs met het schip gebeurt, kun je niet naar huis. Want dat schip ís je huis.”

Door Arjen J. Zijlstra

In Frankrijk wordt hun schip liefkozend ‘Le Jardin Flottant' genoemd. Het gebeurde weleens, vertelt Herman, dat in Zuid-Frankrijk de sluiswachter belde met het eerstvolgende dorp en meldde dat ‘de drijvende tuin' eraan kwam. “Dan kwamen we dat dorp binnenvaren en stonden er soms wel vijftig mensen te zwaaien en foto's te maken.” Vandaag is het een gure februaridag. En dus staan de bakken met bloemen, planten en kruiden nog in de wachtstand. Echter, de frisse kleuren van de boltjalk, waarbij vooral het lila opvalt, zullen menig voorbijganger op de Hoornsedijk uit een winterdip trekken. Het echtpaar Herman Boiten (79) en Géa Boiten (71), dat sinds 1986 een praktijk in Gestalttherapie heeft, woont sinds 1972 op het voormalige vrachtschip de Bolledomus. En ze willen nooit meer anders. Herman: “Ik hoop dat ze mij ooit met mijn voeten vooruit het schip uitdragen.”

Gestalt

Gestalttherapie is een vorm van psychotherapie waarbij niet alleen besproken wordt wát een cliënt zegt, maar ook hóe hij het zegt en wat zijn lichaamstaal is. Iemand kan bijvoorbeeld zeggen erg boos te zijn, terwijl hij ondertussen de hele tijd lacht. “Daar kan je iemand dan van bewust maken”, zegt Géa. “En het blijkt dan bijna altijd dat mensen dit gedrag als kind hebben aangeleerd om zich aan te passen aan, ja soms zelfs te overleven in, de gezinssituatie waaruit ze komen.” “Dat overlevingsmechanisme was nuttig in die situatie”, zegt Herman. “Maar als iemand als volwassene nog naar dat mechanisme leeft, kan het erg belemmerend zijn in de sociale contacten. Dan is het nuttig te gaan kijken waar dat vandaan komt en hoe iemand dat anders kan doen.” “Het sleutelwoord voor Gestalt is contact”, vervolgt Herman. “Als het ergens misgaat tussen mensen is het bijna altijd omdat er hiaten in het contact zijn. Iemand houdt zich te veel in of overlaadt de ander.” “Maar in het sociale contact van alledag”, legt Géa uit, “gebeurt het heel weinig dat mensen elkaar aanspreken op hun gedrag.” Om die reden vindt het echtpaar groepstherapie belangrijk, omdat de deelnemers daar nog meer dan in individuele therapie bewust kunnen worden van hun eigen gedragingen.

Droom

Jarenlang werkten Herman en Géa soms wel zestig tot tachtig uur per week. “We hadden een heel grote praktijk”, vertelt Géa. “Met zes therapiegroepen en ongeveer dertig mensen in individuele- of relatietherapie. Dus zagen we met zijn tweeën ongeveer negentig mensen per week.” Maar in 2004 ging het roer om. Ze stopten met de praktijk en begonnen aan een reis door Frankrijk die 842 dagen zou duren. Het was altijd al een droom, maar Géa had tot dan toe wat de rem erop gehouden. Géa: ”Buiten de toeristenplaatsen en het toeristenseizoen om vond ik dat Frankrijk echt een mannenland was. Als ik in een dorp om vier uur 's middags het café binnenstapte voor een aperitief, dan was ik de enige vrouw.” Maar toen uiteindelijk op een nacht in 2002 Herman zei: “We gaan naar Frankrijk”, antwoordde Géa: “Dat is goed.”

846 sluizen

Het werd een reis waarbij het hele spectrum aan menselijke emoties ervaren werd. “Het was hartstikke mooi”, zegt Herman. “Maar het was ook vaak loeispannend.” Géa: “Ik voelde me soms kwetsbaar. Want als er iets ernstigs gebeurt met het schip kan ik niet zeggen: ik ga eerst maar eens naar huis. Want dat schip ís mijn huis. Dat maakte wel dat ik af en toe ook bang was.” Zoals bij een soms 23 meterhoge Rhône-sluis, waar de motor afsloeg tussen grote cruiseschepen, en net op tijd weer aansloeg zodat de Bolledomus ‘geschut' kon worden. Maar eenmaal door de sluis hield de motor er definitief mee op en moest het schip twee weken wachten op een nieuw oliefilter uit Nederland. Tot ergernis van de sluismeester die hen om de paar dagen sommeerde alsjeblieft te vertrekken van deze gevaarlijke ligplaats. Toen ze 846 sluizen later weer aanmeerden in Groningen, waren ze geestelijk gegroeid van alle ervaringen. Maar lichamelijk waren ze vele kilo's afgevallen. Want varen is beslist niet achterover leunen. Ook na thuiskomst bleven ze niet dobberen. Ze pakten de praktijk meteen weer op. En zelfs tegenwoordig werken ze nog zo'n drie dagdelen per week. Maar in de zomermaanden varen ze graag door het Noorden en dan kan het gebeuren dat ze net als vorig jaar vanaf de kant horen: “Kijk daar eens, is dat de Bolledomus? Ja! Het ís de Bolledomus!”

Auteur

Marc Jansen