FC Groningen opgelucht

Groningen

Voor de tiende maal in 11 jaar tijd is FC Groningen bij de eerste 8 geëindigd. Anderhalve maand geleden had bijna niemand dat voor mogelijk gehouden.

Door Wim Masker

Dankzij de verrassend hoge eindklassering en het falen van concurrenten als Heerenveen en Vitesse ontvangt FC Groningen komend seizoen ruim 7 ton meer uit de tv-pot dan dit seizoen. Eind maart moest de clubleiding nog rekening houden met een vermindering van zo’n 1,3 miljoen euro uit tv-gelden. Een dergelijke inkomstenderving zou tot drastische bezuinigingen hebben geleid. De vraag is of FC Groningen dan voldoende financiële ruimte zou hebben gehad om vervangers te halen voor de vertrekkende basiskrachten Michael de Leeuw, Rasmus Lindgren en Lorenzo Burnet.

Eindsprint

Opmerkelijk is dat FC Groningen voor het vierde achtereenvolgende jaar een succesvolle eindsprint heeft ingezet. 1 maal onder ‘kussenopschudder’ Robert Maaskant en 3 maal onder Erwin van de Looi. Zijn de klasseringen onder Van de Looi (7, 8, 7) en de puntentotalen (51, 46, 50) van vergelijkbaar niveau, de kwaliteit van de selectie en de aantrekkelijkheid van het spel vertonen duidelijk een neergaande lijn. Dat is ook terug te zien in de doelsaldi: 57-53, 49-53, 41-48. Waar Van de Looi in het seizoen 2013-2014 nog kon beschikken over bovengemiddelde spelers als Eric Botteghin, Tjaronn Chery, Filip Kostic en de toen nog door velen als ‘supertalent’ bestempelde Richairo Zivkovic, daar ontbreken nu spelers die een grote transferwaarde vertegenwoordigen.

Tegenvallers

Beoogde ‘kaskrakers’ als Mimoun Mahi (22), Albert Rusnak (22), Jesper Drost (23) en Simon Tibbling (21) hebben zich namelijk minder goed ontwikkeld dan gehoopt. Mahi kwam na een beloftevolle start door uiteenlopende blessures tot slechts 4 basisplaatsen. Bekerheld Rusnák, aankoop Drost en toch ook Tibbling hebben een teleurstellend seizoen achter de rug. De tot Speler van het Jaar verkozen Zweed heeft waarschijnlijk nog het meest geleden onder het vertrek van zijn middenveldpartners Kieftenbeld en Chery. De onmiskenbaar talentvolle middenvelder kreeg de titel vooral op basis van een handvol goede thuiswedstrijden, maar was zeker niet de beste speler.

Rasmus Lindgren

Als Tibbling dan niet de beste speler was, wie dan wel? Dat was zijn landgenoot Rasmus Lindgren, die bijna wekelijks tot de beste spelers behoorde en slechts een handvol mindere wedstrijden speelde. De geroutineerde Zweed is in zijn laatste Groningse seizoen zelfs productiever dan ooit en heeft met 4 goals in 6 wedstrijden een zeer belangrijke bijdrage geleverd aan de tot voor kort onmogelijk gehouden hoge eindklassering. Het wordt voor de technische staf dan ook nog een hele opgave om voor hem een gelijkwaardige opvolger te vinden.

Auteur

Marc Jansen