Martin Groenewold heeft 'Luxeproblemen'

Groningen

In bioscoop Pathé in Groningen wordt woensdag 25 mei het nieuwe album 'Luxeproblemen' van Martin Groenewold gepresenteerd.

Op dit nieuwe Nederpop-album bezingt Martin Groenewold uit Sauwerd (Groningen, 1972) het grote en kleine leed van de moderne tijd, maar bovenal de angst die we onszelf en elkaar aanpraten.

Begrip en tolerantie

De eerste single ‘Voor Wie Dat Geloven Wil’ is een pleidooi voor meer begrip en tolerantie. In het klein, tussen familieleden en buren, maar zeker ook in het groot, tussen bevolkingsgroepen en religies. Groenewold schreef de tekst in de weken na de aanslagen in Parijs. “Je kunt het een naïef statement noemen; niet voor niets verwijs ik naar het droombeeld dat John Lennon schetste in zijn klassieker ‘Imagine’. Persoonlijk ben ik liever naïef dan cynisch. Hoever zijn we afgegleden als liefde en verdraagzaamheid besmette begrippen zijn geworden?”

Pril vaderschap

Een heel ander thema, pril vaderschap, diende als inspiratiebron voor verscheidene nieuwe liedjes. Groenewolds beide kinderen zijn geboren in de periode waarin ‘Luxeproblemen’ werd geschreven en opgenomen. “Niet dat ik verder heb stilgezeten, bepaald niet zelfs. Maar kinderen dwingen je tot een ander tempo”, zegt hij. “Ze eisen je aandacht op, zijn afhankelijk van jou en slurpen energie. Maar niets evenaart de intense en onvoorwaardelijke band met zo’n mensje.”

Bert Hermelink

Op ‘Luxeproblemen’ vinden serieuze popnummers als ‘Waarin Ik Woon’ (over lichamelijk verval) en ‘Waar Ben Je’ (over gemis) een evenwicht in ‘angry young man’-teksten als ‘O Lieve Heer’ (over blinde jaloezie) en ‘Dat Soort’ (over bumperkleven, voordringen en andere alledaagse ergernissen). Die liedjes dragen de handtekening van Bert Hermelink, Groenewolds vaste muzikale compagnon. Hermelink, in de jaren '80 de motor van Toontje Lager, tekende samen met Niels Lingbeek voor de eigentijdse productie van ‘Luxeproblemen’.

Gastbijdragen

Gastbijdragen zijn er verder van Het Goede Doel-zangers Henk Westbroek en Henk Temming, en Peter Groot Kormelink van Splitsing/ De Jazzpolitie in het wielerliedje ‘Alleen Maar Winnaars’ (waarvan de opbrengst wordt overgemaakt aan KiKa en de Wereldfoundation), gitarist Rob Winter (20 jaar lang bandlid bij Marco Borsato, daarnaast bekend van onder meer Toontje Lager, Kayak, Robby Valentine en Guus Meeuwis), gitarist Gerard de Braconier (eveneens ex-Toontje Lager, Captain Gumbo, Old Ni-js) en saxofonist Hubert Heeringa (o.a. Ten Sharp, Rob de Nijs).

Auteur

Marc Jansen