Buitenspel | Halfvol of halfleeg

Groningen

[caption id="attachment_52811" align="alignright" width="120"] Wim Masker.[/caption]

19 medailles heeft Nederland behaald in Rio de Janeiro. Eentje minder dan 4 jaar geleden in Londen. En 6 minder dan 16 jaar geleden in Sydney, tijdens de succesvolste Spelen ooit voor Nederland. Maar 8 gouden medailles, zoveel had Nederland – buiten Sydney, toen het er 12 waren – nooit eerder bijeen gesport. Toch overheersten de zure commentaren. Dat kwam waarschijnlijk vooral doordat een aantal favorieten niet aan de hoge verwachtingen voldeed. Sommigen reageerden hun chronische gebrek aan nachtrust ontstemd af op de ‘teleurstellende prestaties’ van Ranomi Kromowidjojo, Daphne Schippers, Henk Grol, Tom Dumoulin, de hockeyers en de springruiters. 10 keer werd Oranje vierde. ‘Typisch Nederlands’ vonden de critici dat. Zelfs nuchtere noorderlingen bestempelden Nederland als een sportland van net niet. Haast rituele verwijten werden uit de kast getrokken. We zouden geen topsportcultuur en topsportmentaliteit hebben. Zelfs bij intelligente Nederlanders zit af en toe een chauvinistisch steekje los. Even de feiten: Nederland is elfde geëindigd in het medailleklassement. Alleen landen met veel meer inwoners verzamelden meer medailles. Qua gouden plakken is Nederland zelfs op de gedeelde negende plaats gefinisht, samen met Italië en Australië. Maar Oranje presteerde beter dan gastland Brazilië en beter tot veel beter dan Spanje, Canada, Turkije en nog zo’n 150 landen. In het buitenland kijken ze dan ook vol bewondering en soms onverholen jaloezie naar de sportprestaties van dat kleine landje met zijn slechts 17 miljoen inwoners. Ook in het nog kleinere België dat nota bene de beste Spelen uit zijn geschiedenis achter de rug heeft. De oogst? 6 medailles, van elke kleur 2. Dat steekt schril af bij de 19 van Nederland. Het Belgische Nieuwsblad gaf maandag de verklaring: ‘Nederland is wél een topsportland, met wél een topsportmentaliteit…’

Wim Masker


Auteur

Marc Jansen