Buitenspel | De kunst van het miskop’n

Groningen

[caption id="attachment_52811" align="alignright" width="120"] Wim Masker.[/caption]

40 jaar geleden was FC Groningen een goede subtopper. In de eerste divisie. Bestuurslid Renze de Vries - later voorzitter van de club – had een eenvoudig recept voor een snelle terugkeer naar de eredivisie: gewoon doelpunt’n kop’n. Hij ging daarbij niet halfslachtig te werk. Bij concurrent PEC Zwolle kaapte hij eerste divisie-topscorer Herman Heskamp weg, van AZ huurde hij Joop Molendijk, de topscorer van de competitie voor tweede elftallen, en voor de zekerheid kocht hij ook nog Cas Janssens. De Tilburger was 2 jaar eerder voor NEC nog met 18 goals topscorer van de eredivisie geweest. Het werd één grote flop. De aanvallers pasten totaal niet bij elkaar. Midvoor Heskamp werd indertijd als de grootste miskoop bestempeld. Hij maakte slecht 5 goals. De kalende spits, die bij PEC drie jaar lang aan de lopende band had gescoord, viel in Groningen alleen maar op door zijn technische onbeholpenheid. Maar waar Heskamp in Zwolle nog profiteerde van de voorzetten van de razendsnelle rechtsbuiten Jan Verheijen, daar had hij nu aanvalspartners die alleen maar voor eigen succes gingen. Ruim anderhalf jaar geleden nam FC Groningen in de winterstop Simon Tibbling over van Djurgården IF. De jonge Zweed debuteerde fantastisch in de Arena. Ajax won met 2-0 maar het betere voetbal was van FC Groningen, met dank aan Simon ‘Xavi’ Tibbling. De verbindingsspeler voelde zich als een vis in het water tussen ‘balafpakker’ Maikel Kieftenbeld en aanvaller Tjaronn Chery. Tibbling is nog steeds zeer begaafd, maar speelt door het ontbreken van een balafpakker op het middenveld veel minder in zijn kracht. Daar moest ik aan denken toen ik Etienne Reijnen zondag zag invallen als verdedigende middenvelder. In de praktijk was Reijnen een van de negen verdedigers. Maar toch, zou Reijnen Tibbling weer beter kunnen laten functioneren?

Wim Masker


Auteur

Marc Jansen