Anne Kuik: ‘Groningen blijft mijn basis’

GRONINGEN

Gemeenteraadslid Anne Kuik (29) staat voor de komende landelijke verkiezingen op een verkiesbare plek op de CDA-kandidatenlijst. “Ik hoop de Noordelijke nuchterheid mee te nemen naar de kamer.”

Door Arjen J. Zijlstra

“Of ik niet bang ben het sprankelende kwijt te raken en minder ad rem zal zijn, straks in Den Haag?” Lachend: “Je bedoelt dat ik helemaal kapót getraind word! Dat zou zonde zijn. Het zou niet best zijn als ik niet mezelf kan blijven. Ze hebben gezien hoe ik ben, ook bij de sollicitaties. En dat zal een reden zijn dat ik op nummer elf sta.” Maar ‘thanks mevrouw de voorzitter’ hoeven we niet te verwachten? “Ja, ‘thanks burgemeester’ flapte ik er een keer uit bij Rehwinkel. Ik heb een beetje een eigen stijl, dat heeft voor- en nadelen. Ik zal me proberen aan de regels te houden. Maar archaïsch taalgebruik zal je mij niet snel horen gebruiken.” Je wist op de basisschool al dat je de politiek in wilde. Ben je rechten gaan studeren met dat doel in je achterhoofd? “Nou, dat zal misschien onbewust zijn. Maar toen ik vanuit Nieuw-Amsterdam (Drenthe) in Groningen kwam studeren was het niet zo dat ik dacht: ik ga die gemeenteraad in. Als kind kwam mijn interesse voor politiek ook al voort uit mijn rechtvaardigheidsgevoel. Dus ik ben vooral rechten gaan studeren vanwege het thema rechtvaardigheid. Want je kan ook in die rechtenkant natuurlijk heel goed opkomen voor mensen.” “Ik ben in die tijd hier bij de jongeren van het CDJA gegaan. En op een gegeven moment, ik zat toen bij studentenvereniging Albertus, werd ik gevraagd om fractie-assistent te worden in de gemeenteraad. Maar omdat ik meedeed aan een musical van Albertus zei ik: joh, daar heb ik helemaal geen tijd voor. Later vroegen ze me weer en toen leek het me ook wel interessant. Zo rol je daar dan een beetje in.” Als je niet lid zou zijn geweest van Albertus, en dus niet dat netwerk had, zou je dan ook in 2010 met zoveel voorkeursstemmen in de gemeenteraad zijn gekomen? “Ik denk sowieso dat je gewoon interesse moet hebben in mensen als je in de politiek zit. En dan moet je op werkbezoek gaan en bij mensen langs. Als het goed is, ken jij zelf ook genoeg mensen omdat je geïnteresseerd bent en als volksvertegenwoordiger belangen moet overbrengen. Dus daar hoef je niet per se voor bij een studentenvereniging te zitten natuurlijk.” Terugkijkend op je tijd in de gemeenteraad. Waar ben je het meest trots op? “Nu is een initiatiefvoorstel voor betere toegankelijkheid voor mindervaliden in de maak. En daar heb ik bijna alle partijen, behalve de VVD, voor bij elkaar gekregen om nu ook echt concrete stappen te zetten.” “Iedereen vindt het belangrijk dat elk mens mee kan doen en dat je met elkaar met de rolstoel normaal door de stad kan. Dus we praten er wel mooi over maar er gebeurt vrij weinig. En nu heb ik iedereen wel zo ver dat we een initiatiefvoorstel maken met ook daadwerkelijk deadlines en concrete acties om dat mogelijk te maken.” Waar kijk je minder tevreden op terug? “Waar ik van baal is het prostitutiebeleid. We hebben wel, en dat vind ik belangrijk, de minimumleeftijd van 18 naar 21 gekregen. Want het is niet een normaal beroep. Maar wij wilden als CDA ook een intake van de prostituees die hier komen achter de ramen. Dus dat de GGD eerst een gesprek heeft over: weet je waar je hier bent? Want je hebt vrouwen die niet eens weten in welk land ze zijn. En dat vervolgens wordt gepraat over in hoeverre het een weloverwogen keuze van zo’n vrouw is om hier te werken. Want er zit zoveel druk en dwang nog achter. Dus ik baal er wel van dat ik andere partijen niet heb kunnen overtuigen van dit voorstel. Achteraf gezien had ik ze misschien nog meer moeten meeslepen in het verhaal.” Is het mogelijk een vleugje Groningen in Den Haag te brengen? “Ja absoluut, dat ga ik sowieso doen. Je kunt thema’s vanuit de regio meebrengen. Zowel naar de fractie als de Tweede Kamer. Dat kan ik doen los van welke portefeuille ik ook krijg. Als je niemand vanuit Groningen hebt dan komen die thema’s natuurlijk minder binnen. Dus ik moet de oren zijn van deze regio. Natuurlijk ook van andere, maar dit blijft wel mijn basis.” “Ik blijf hier trouwens ook wonen. Hierdoor krijg ik goed mee wat hier speelt en wat er landelijk nog voor acties moeten gebeuren. Nou is dat bij gas natuurlijk wel duidelijk wat er moet gebeuren. Maar dat kan ook bij andere thema’s zijn die ik meekrijg vanuit hier. Ook hoop ik de Noordelijke nuchterheid mee te nemen naar de kamer.” Zie je op tegen de Haagse slangenkuil? “Haha, de slangenkuil. Dat wordt inderdaad zo gezegd. De laatste tijd hoor ik in mijn omgeving veel: oh waar kom je terecht? In de gemeenteraad heb ik twee collega’s en dat zijn goede vrienden, dus zo goed heb ik het nu voor elkaar. Maar ik weet natuurlijk niet precies wat ik straks kan verwachten. Toch denk ik wel dat als je zelf open bent, je dat ook wel terugkrijgt. Dat is mijn houding dan maar.”

Auteur

Marc Jansen