Buitenspel | Ophemelen

Groningen

[caption id="attachment_52811" align="alignright" width="120"] Wim Masker.[/caption]

Tahith Chong, Javairo Dilrosun, Donyell Malen, Juan Familio-Catillo, Rodney Kongolo. Het is geen schande als u nog nooit van ze heeft gehoord. Het zijn jeugdinternationals die de opleidingen van Ajax of Feyenoord hebben verruild voor die van een Engelse topclub. Zij sluiten aan in een lange rij van tienertalenten die de lokroep uit het buitenland niet hebben kunnen weerstaan. Veel voorgangers zijn inmiddels in de vergetelheid geraakt. Jeffrey Bruma, Karim Rekik, Patrick van Aanholt, Kyle Ebecilio, Timothy Fosu-Mensah en Nathan Aké zijn de min of meer positieve uitzonderingen. De vraag is gerechtvaardigd of talenten er verstandig aan doen om Nederland zo vroeg te verlaten. Dat van de tientallen ‘vluchtelingen’ tot dusver alleen Bruma het tot vaste international heeft geschopt, geeft te denken. Wat nog meer te denken geeft, is dat een aantal puber-emigranten zelfs niets eens het profvoetbal heeft gehaald. Elke nationale jeugdselectie telt spelers die uiteindelijk geen prof worden, maar het is wel opmerkelijk als het om (vermeende) toptalenten gaat. De bedenkelijke staat van Oranje is echter niet alleen te wijten aan te jonge emigranten die hun beloften niet inlossen. Want wat is er terechtgekomen van Ismaïl Aissati, het PSV-talent dat op 17-jarige leeftijd uitblonk tegen AC Milan? Hij voetbalt tegenwoordig anoniem in de Turkse middenmoot. En Ricardo Kishna, Jean-Paul Boëtiuis, Anwar El Ghazi, Ola John, Adam Maher, allen luid bejubeld na een veelbelovend debuut. Waar staan ze nu? Als het gaat om het afbranden van onze eigen (top)sporters, staan wij Nederlanders op eenzame hoogte. Maar zijn we eigenlijk wel kritisch genoeg? De 17-jarige Ferdi Kadioglu van NEC werd de afgelopen weken wel erg ruim over het paard getild. Kan dat niet een onsje, of beter een paar kilo, minder?

Wim Masker


Auteur

Marc Jansen