Bote de Jong (82) schrijft en blijft… bezig

GRONINGEN

 Sinds jaar en dag fietst socioloog en schrijver Bote de Jong (82) dagelijks naar Huis de Beurs. Waar hij aan zijn Poesjkin-tafeltje werkt en boeiende mensen ontmoet. “Schrijven was mijn redding.”

Door Arjen J. Zijlstra

“Afgelopen zomer stond ik op de galerij van mijn flat en zei tegen de mensen die een verdieping lager buiten zaten: als ik zo op deze reling leun, waan ik me op een cruiseschip. En dat plein daarbeneden, dat is de zee.” Met een jongensachtige lach en toegeknepen ogen: “Prachtig toch? Dat je dat ervan kunt maken!” “Maar ik ben zowel een idealist als een realist. Ik durf de werkelijkheid onder ogen te zien. Die druk ik niet weg. Alleen de toekomst zie ik altijd nog zitten. Ik heb nog steeds idealen.” Een van die idealen is dat er in de maatschappij meer waardering ontstaat voor gevoel. “Je hoort vaak: die jongen of dat meisje heeft een goed verstand. Maar heb je weleens horen vragen of iemand een goed gevoel heeft?”

Hersenkronkels

Deze verminderde nadruk op het gevoel wordt volgens De Jong gestimuleerd door sommige technologische ontwikkelingen. “Door e-mail wordt de communicatie steeds uniformer. Vroeger kon je iets van iemands persoonlijkheid terugzien in het handschrift. Daarom heb ik mijn laatste boekje, ‘Hersenkronkels’, ook met de hand geschreven.” “Mijn acht eerdere boeken heb ik wel met de tekstverwerker geschreven. Maar dit boekje, met puntige tekstjes van ernst tot flauwekul, leende zich hier goed voor. Binnenkort moet ik een tweede druk maken. Want de eerste is uitverkocht. Die was 25 exemplaren.” “Ook is het zo dat mensen die zich alleen door hun verstand en intellect laten voortstuwen, niet altijd gelukkig hoeven te zijn. Integendeel. Dat ik wetenschap bedrijf, daar word ik niet vrolijk van. Ik word veel vrolijker van het schrijven van zulke stukjes als in ‘Hersenkronkels’.”

Iets inhalen

De Jong werkte vele jaren als docent sociologie aan een Pedagogische Academie. Tot hij met vervroegd pensioen ging om zijn zieke vrouw beter te kunnen ondersteunen. “Zij kreeg de ziekte van Hodgkin en is daar ook aan overleden.” “Tijdens die periode heb ik veel dingen laten liggen die ik later probeerde in te halen. Dat kan natuurlijk helemaal niet, iets inhalen. Maar zo voel ik het wel. Gelukkig schreef ik af en toe al gedichten toen mijn vrouw nog leefde. Want doordat ik al een beetje schreef, was dat iets waar ik op kon terugvallen na haar overlijden. Het schrijven was mijn redding.”

Letters als stofjes

“Mijn vrouw is begraven in maart 1993 en eind dat jaar verscheen mijn eerste dichtbundel ‘Letters als stofjes aan de weegschaal’. Waarom letters? Elk mens is een letter. Op zichzelf betekent hij weinig, maar als je verschillende letters combineert krijg je een woord met een betekenis. En waarom als stofjes? Omdat alles maar heel tijdelijk is. Dus we zijn letters als stofjes aan de weegschaal.” Meerdere bundels volgden, alsook boeken met academische onderwerpen, zoals de titels: ‘De onmacht van de wetenschap’ en de ‘Gematerialiseerde samenleving’. Daarnaast ging De Jong Russisch leren, wat hem zelfs meerdere malen naar Sint-Petersburg bracht. Hij vertaalde en publiceerde verhalen van Tsjechov en gedichten van Poesjkin. Deze grote Russische dichter staat bij De Jong in hoog aanzien. Dus toen de uitbater besloot dat De Jongs vaste stek een eigen naam verdiende, werd het Alexander Poesjkin.

Lubbers

“Het leuke aan deze plek vind ik dat hier allerlei verschillende mensen komen. Dan komt die eens aan mijn tafeltje zitten en dan weer die. Ruud Lubbers is hier zelfs eens aangeschoven. Verder komen hier ook veel kunstschilders en dichters. Maar ook zwervers. Die horen er ook bij. Elk persoon is uniek.” “En elk persoon heeft zijn lichtzijde en schaduwzijde. Daarom kan ik er ook heel erg moeilijk tegen wanneer bepaalde mensen alleen worden opgehemeld.” “Een concreet voorbeeld? Neem nou Maarten Luther. Volgend jaar wordt gevierd dat hij 500 jaar geleden zijn 95 stellingen op de slotkapel van Wittenberg spijkerde. Dat was heel positief. Maar zijn antisemitisme wordt onder de tafel geschoven. Ik ben nu aan het uitzoeken in hoeverre Hitler beïnvloed is door hem.”

Bezig blijven

“Maar je moet met zulke speculaties natuurlijk wel heel voorzichtig zijn.” En daarom verwoordt De Jong zijn idee uitermate voorzichtig: “Met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid denk ik te mogen en te kunnen veronderstellen dat het weleens zo zou kúnnen zijn dat het antisemitisme van Adolf Hitler mede beïnvloed is door de mindere en geringe waardering van Maarten Luther voor de Joden.” “Dit is dus een bewering die gestaafd moet worden met historische teksten. Misschien dat het inderdaad een boekje wordt. We zullen zien. Maar daarvoor heb ik tot volgend jaar 31 oktober de tijd.” Op dat moment moet de gepensioneerde voor de derde maal zijn mobiel opnemen. Even later: “Mensen moeten nooit zeggen dat je na je pensionering niks meer kunt. Alsof je dan in je crapaud moet uitrusten en wachten tot je dood gaat. Zolang je geestelijk nog goed bent, kun je tot op hoge leeftijd bezig blijven.“

Auteur

Marc Jansen