Portret Jet de Wilde | Kunst, therapie en Boeddha

GRONINGEN

Of Jet de Wilde nou een kunstwerk maakt of emotieve therapie geeft: het leven in al zijn echtheid staat erin centraal. "Doe even gewoon zeg.”

Door Arjen J. Zijlstra

“Ik ben echt een Boeddhist van niks”, vertelt Jet de Wilde lachend, terwijl ze een rokertje draait. “Ik eet geen vlees en ik lieg niet, dat zijn de enige van de vijf leefregels die ik volg. Maar als ik dan toch ergens bij hoor, dan is het die filosofiestroming. Vroeger heb ik ook retraites gevolgd in India en Nepal.” “Wat me er vooral zo in aanspreekt is het idee dat je niet zomaar iets voor waar moet aannemen, maar dat je het zélf moet onderzoeken. Het gaat echt om de lering en wat je daarmee doet en niet om alle zaken eromheen. Zo’n Boeddhabeeld is van plastic, daar zit geen Boeddha in. Daar kan je gewoon de flex in zetten.”

Dwangbuisboeddha

“Wat ik mooi vind aan al die boeddha’s die iedereen tegenwoordig heeft, is dat er kennelijk een behoefte is aan iets dat sereen is. Maar ik heb er wel een dubbel gevoel bij. Vaak hangt er allerlei bijgeloof omheen. Dat je een boeddha niet zelf mag kopen en dergelijke. Voor hetzelfde geld is het een PVV’er die alle vluchtelingen willen laten verzuipen die zo’n beeld in de tuin zet. Tof dat je een boeddha wil, maar lees er dan ook even een boekje over.” “Zodoende dacht ik: laat ik eens wat boeddha’s pimpen om te laten zien dat dit ook mag. En dat er geen Boeddhist beledigd zal zijn, want de Boeddha zit in jezelf.” De Wilde vormde verschillende boeddha’s om tot onder andere een dwangbuisboeddha, Michael Jackson-boeddha, travestieboeddha en een bikerboeddha.Ze wil er uiteindelijk mee exposeren, waarbij ze ook schilderijen wil tonen. Zoals die van een Boeddha die zijn nagels vijlt. Ook in haar andere vrije werk geeft ze iconische thema’s graag weer met ‘een kras’. Zoals een vermoeide moeder Maria met een luid krijsende baby Jezus.

Afkeer van de elite

Alsof ze met haar kunst wil zeggen: niet alles is wat het lijkt, overal zit een barstje in. Dit sluit goed aan op haar wantrouwen tegen wat ze de elite noemt. “Tot mijn vijftiende woonde ik in Den Helder, waar we in zekere zin tot de elite behoorden omdat mijn vader marineofficier was. De niet-marinemensen werden gezien als plebs. Die rangen en standen, daar voelde ik me toen al niet goed bij.” “Het grappige was dat toen we daarna naar Den Haag verhuisden en ik op een privéschool kwam, ik daar juist als een boer werd gezien. Ik kreeg daardoor een enorme afkeer van de elite. Doe even gewoon zeg.”

Zorgcodes

“Er is niks mis met een hiërarchische rolverdeling, maar het moet wel een doel dienen. Ik heb jarenlang met plezier als maatschappelijk werker en therapeut gewerkt met zware doelgroepen, van verslaafde prostituees tot gedetineerden. Maar wat me begon tegen te staan was dat je steeds meer in je vrijheid werd beknot door het management.” “Je moest vaak vergaderingen bijwonen die over niks gingen. En een steeds groter wordende papierwinkel invullen met allerlei zorgcodes. Ik dacht: flikker op met die codes, geef mij gewoon een cliënt, dan help ik hem of haar in elk geval de dag door. Er werd ontzettend veel geld verspild aan allerlei flauwekul.”

Realisme

Uiteindelijk raakte De Wilde in 2001 overspannen. Maar om toch zinvol bezig te blijven ging ze verschillende cursussen volgen. Waaronder een schildercursus. “Dat was gelijk raak. Illustreren deed ik als kind al en het was heel fijn om nu nog meer de theorie erachter te leren. Vanaf daar heb ik me als autodidact verder ontwikkeld tot kunstenaar.” Hoe fantasierijk haar werk vaak ook is, het wordt altijd gekenmerkt door een hoge graad van realisme. “De verhoudingen en de kleuren moeten wel echt kloppen. In die zin werk ik heel academisch.” Dit komt ook goed van pas in de teken- en schildercursussen die ze doorlopend geeft en voor de schilderijen die ze in opdracht maakt. Behalve het schilderen hielp ook emotieve therapie haar uit haar overspannenheid te komen. Ze was er zelfs zo enthousiast over dat ze besloot er een opleiding in te volgen en zelf deze therapie aan te bieden. Want ze mag dan afgeknapt zijn op de structuren in zorginstelling- en, het hulpverlenen blijft haar trekken.

Vrijheid

“Emotieve therapie onderscheidt zich van veel andere therapievormen in de zin dat het niet gaat om het herbeleven van trauma’s of het begrijpen ervan. Emotieve therapie gaat ervan uit dat zaken uit het verleden zich vast kunnen zetten in je lichaam als een lading. Die lading kan steeds opnieuw worden getriggerd. Als een soort patroon.” “Pas door die lading definitief te neutraliseren ontstaat er ruimte in je hoofd om een bewuste keuze te maken. Dan kan het nog steeds wel zo zijn dat als je bijvoorbeeld claustrofobie had je na die neutralisatie nog steeds liever de trap neemt dan een volgepakte lift, dat is ingesleten gedrag. Zoiets heeft ook tijd nodig om te veranderen. Maar je wordt niet meer gedreven door angst, boosheid of verdriet. Je hebt dan de vrijheid om zélf te kiezen.”

Auteur

Marc Jansen