Daphne Jops focust op Miss Benelux-verkiezing

GRONINGEN

Die eerste keer was ze nog maar 15 jaar. Op aanraden van haar moeder trad ze letterlijk in de spotlights. Met de schouders naar voren en het hoofd omlaag. Dat wel. Intimiderend vond ze het publiek. Gelukkig hoefde ze niet in bikini. De jongste meiden mochten een badpak aan..

Door Marc Jansen

Wit en grijs voeren de boventoon in de amper twintig vierkante meter grote huiskamer van Daphne Jops in de Groninger Stephensonstraat. Weinig decoratie. Rommel al helemaal niet. ”Dat heb ik van mama meekregen. Vroeger was dat minder, hoor. Kreeg ik nog wel eens te horen dat ik mijn kamer moest opruimen. Maar nu ik op mezelf woon, met mijn vriend, wil ik toch wel dat het netjes is. Leefbaar.” Daphne houdt van controle. De HBO-Rechten-studente zal nooit onvoorbereid naar een tentamen gaan. Die ene keer dat ze het wel zover liet komen, scoorde ze een onvoldoende. Terwijl ze normaal altijd alles haalt. Ze strijkt haar zwart-witte rok nog maar eens glad. De bedeltjes - muntjes met de afbeelding van Queen Elizabeth - aan haar armband rammelen. Haar roze blouse zit als gegoten. Ze zit kaarsrecht. Daphe is ambitieus. Volgend jaar afstuderen. Dan door naar de universiteit voor de master strafrecht. En uiteindelijk strafadvocaat worden. Maar voorlopig focust ze even op de Miss Benelux-verkiezing. Want hoe spannend ze die eerste keer ook vond, ze bleef gewoon meedoen. Miss Corso Eelde. Miss Oldambt. Queen of the North Netherlands. Omdat ze het ook zo ontzettend leuk vond. Ze leerde supergezellige meiden kennen, ontdekte hoe ze zich moest presenteren aan een publiek en werd steeds zelfverzekerder. Morgen vertrekt ze met dertien andere finalisten naar de Turkse badplaats Antalya. Daar wordt dinsdag bepaald wie de tiende Miss Benelux wordt. Daphne verheugt zich erop. Twijfel kent ze niet. Niet meer, althans. “Een paar jaar geleden deed ik mee aan de Queen of the North Netherlands. Ik eindigde aanvankelijk als runner-up, als zesde. Terwijl de nummers één tot en met vijf doorgingen naar Queen of the Benelux. Maar omdat iemand uitviel, mocht ik toch meedoen aan die Queen of the Benelux-verkiezing. Ik kreeg toen als puntje mee dat ik iets strakker moest worden.” Het maakte haar onzeker. Maat dat sentiment heeft ze, nu ze 21 is, van zich afgeschud. Ze was dan wel nooit echt chubby - of misschien ook wel - maar ze is wat langer geworden en het lijf kreeg bovendien meer vorm. “Ik zal nooit heel erg dun worden”, zegt ze, met haar rug naar de tegenover haar huis gelegen Grunotuin. “Maar ik ben gezond, ik eet gezond - alleen op zondag heb ik een cheat day - en ik sport veel. Ik volleybal bij Veracles, in Weekdames 1. Door deze manier van leven zit ik goed in mijn vel. Dat straal ik ook uit.” Voor het al dan niet winnen van de titel, maakt het ook niet zo heel veel uit, weet Daphne. Natuurlijk, een kandidaat-miss moet aan bepaalde voorwaarden voldoen. Voor deelname aan de Miss Benelux-verkiezing moet je bijvoorbeeld minstens 18 jaar, ongehuwd, kinderloos en minimaal 1 meter 60 zijn. “Maar ik denk niet dat ik kan winnen of verliezen door mijn uiterlijk”, zegt Daphne, de enige finaliste met een donkere huid. “Als ik win, komt dat door hoe ik overkom, me presenteer, ik mensen aanspreek. Het gaat om een stukje uiterlijk, een stukje intelligentie en een stukje spontaniteit. Al die stukjes bij elkaar maken het plaatje compleet.” Daarom heeft ze zich goed voorbereid. Uiteraard. Al sinds de zomervakantie, toen ze na een casting in Brussel te horen kreeg te zijn geselecteerd voor de finale, staat haar leven (deels) in het teken van Miss Benelux. “Ik heb ontzettend veel interviews gedaan, ik heb met heel veel bedrijven gesproken en ik heb vrijwilligerswerk gedaan bij de voedselbank. Ik wil namelijk een maatschappelijk betrokken miss zijn. Laten zien dat het niet alleen gaat om hoe mooi je bent, hoe mooi je haren zijn en hoe mooi je op de catwalk loopt.” Opperbest voelt ze zich wanneer de avondronde, ofwel de galaronde, zich aandient. In haar supermooie jurk, die ze maanden geleden aanschafte, voelt ze zich sierlijk. De gouden ketting van haar oma, een erfstukje dat ze op belangrijke momenten draagt, versterkt haar zelfvertrouwen. “Ik wil niet arrogant zijn, maar de top 3 moet haalbaar zijn”, zegt ze. “Ik weet ook niet wat er met me gebeurt als ik vierde word...” Misschien heeft ze dan eindelijk de drang eens uit de band te springen. Alles los te laten. Dat doet ze eigenlijk nooit. “Dat vind ik heel moeilijk...”

Auteur

Marc Jansen