Buitenspel | FC Groningen wereldclub

Groningen

[caption id="attachment_67794" align="alignright" width="120"] Wim Masker.[/caption]

Nee, ik ben niet in de war geraakt van wat nietszeggende monsterscores in oefenpotjes, noch ben ik overspoeld door een ongekende golf van cynisme. Echt, FC Groningen is zo onderhand een wereldclub. Trainer Ernest Faber heeft op het moment van schrijven maar liefst negen nationaliteiten in zijn achttienkoppige selectie! Tien Nederlanders, een Belg (Kevin Begois), een Engelsman (Todd Kane), een Deen (Kasper Larsen), een Bosniër (Samir Memisevic), een Japanner (Ritsu Doan), een Noor (Ruben Yttergard Jenssen), een Zweed (Simon Tibbling) en een Australiër (Aydin Hrustic). En als de onderhandelingen met de gewenste spits en diens club succesvol zijn afgerond, komt er nog een Zuid-Afrikaan bij. Ook in de opleiding van FC Groningen treffen we spelers met een buitenlands paspoort aan. In het beloftenteam voetballen de Zweed Hampus Findell, de IJslander Kolbeinn Finnsonn en David Browne uit Papoea-Nieuw Guinea. In de ‘onder 19’ speelt Mustapha Mansaray uit Sierra Leone en in het elftal voor spelers onder 17 jaar voetballen de Fin Oskari Sallinen en vanaf volgend kalenderjaar ook nog een Schot. Dat de Duitse middenvelder Corvin Braun eveneens een buitenlander is, wordt haast door niemand binnen de club nog bewust zo ervaren. De 15-jarige inwoner van het grensplaatsje Bunde speelt al sinds de pupillen voor FC Groningen en spreekt beter Nederlands dan de gemiddelde Amsterdammer. Ondanks de toestroom van veel buitenlanders en het vertrek van echte Groningers als Hans Hateboer en Tom Hiariej spelen er toch nog altijd twee geboren Stadjers in het eerste elftal: Juninho Bacuna en Yoëll van Nieff. Vanaf de bank worden zij kritisch gadegeslagen door een oud-FC-talent met zonder meer de beste naam voor een speler van FC Groningen: Marcel Groninger.

Wim Masker

Meer columns van Wim Masker

Auteur

Marc Jansen