FC Utrecht: heel ander 4-4-2

GRONINGEN

FC Groningen krijgt zondagmiddag met FC Utrecht een tegenstander op bezoek die hetzelfde systeem hanteert. De uitvoering van het Utrechtse 4-4-2 is echter totaal anders.

Door Wim Masker

FC Utrecht-coach Erik ten Hag staat bekend als zeer veeleisend. Hij verlangt van zijn spelers tactische discipline, maximale inzet en een perfecte uitvoering. Tijdens trainingen en wedstrijden zit hij er bovenop. Bij FC Groningen zijn de coaches minder veeleisend en gaat het er allemaal gemoedelijker aan toe.

Fabers 4-4-2

FC Groningen gaat onder Faber uit van een verdedigend blok van vier, twee aanvallende backs, naar binnen trekkende buitenste middenvelders en twee spitsen. Bij balverlies plooit FC Groningen terug in 4-4-2 met twee linies van vier kort op elkaar. De tegenstander krijgt in het centrum weinig ruimte en wordt haast gedwongen tot breed spelen en schieten van afstand. De egelstelling werkt tegen sterkere tegenstanders vaak verlammend. Bij balverovering lijken de spelers te veel bezig met dreigend balverlies. Serieuze ondersteuning van de spitsen blijft dan uit.

Ten Hags 4-4-2

FC Utrecht bouwt op met drie verdedigers. De rechtsback schuift namelijk al snel door naar het middenveld, dat in een zogenoemde ruit opereert: een verdedigende middenvelder, daarvoor een rechtshalf en een linkshalf en daar weer voor een aanvallende middenvelder. De verdedigende middenvelder en de linkshalf blijven na hun aandeel in de spelopbouw meestal achter de bal, de rechtshalf (Van de Streek) gaat veel diep. De doorgeschoven rechtsback neemt vaak de positie van de rechtshalf over, met de vrijheid om afwisselend met hem, of een van beide spitsen, als rechtsbuiten te opereren. De aanvallende middenvelder (Labyad) speelt achter twee spitsen (Kerk en Dessers), die van buiten naar binnen bewegen en omgekeerd.

Creatief

De creativiteit van Ayoub en Labyad, de vele positiewisselingen en loopacties maken van FC Utrecht een heel lastig te bespelen tegenstander. Bouwt de tegenstander vanuit de verdediging op, zetten de spitsen van FC Utrecht meestal meteen druk op de backs. Labyad doet dat op de centrale verdedigers. Op het middenveld heeft FC Utrecht bijna altijd een mannetje over.

Topcoach

Ten Hag laat zijn spelers ook in hun kracht spelen. Loopwonder Van de Streek kan zich toeleggen op loopacties achter de verdediging van de tegenpartij. Kerk, ooit een zeer matige rechtsbuiten, is door hem omgevormd in een dynamische spits. Ten Hag is kortom een coach die het verschil maakt. Van een selectie die voor het merendeel uit matige tot redelijke spelers bestaat heeft hij een aantrekkelijk spelend en goed presterend elftal gemaakt.

Auteur

Marc Jansen