Morris exposeert bij De Souffleur: ‘Ik vind hem een kunstenaar’

GRONINGEN

Morris Eleveld (25) exposeert sinds vrijdag met een aantal van zijn schilderijen bij Schouwburgcafé De Souffleur. “Het zijn vooral de kleuren, en de combinaties daarvan, die hem boeien.”

Door Arjen J. Zijlstra

Morris Eleveld is niet iemand van veel woorden. Maar hij is bovengemiddeld visueel ingesteld, laat moeder Jacky Eleveld weten in de herfstzon op het terras. Hij ziet bijna alles wat om hem heen gebeurt. En wie heeft woorden nodig als je met je gezichtsuitdrukking en lichaamshouding al zoveel kunt zeggen? “Als hij iemands manier van doen niet op prijs stelt, laat hij dat wel merken. Hij houdt er niet van als mensen zich opdringen. Als bijvoorbeeld sinterklaas of zwarte piet op hem af komt, straalt hij helemaal uit dat hij er geen zin in heeft. Willibrord Frequin kwam ook een keer op hem af met zijn microfoon, tijdens een speciale dag in het Dolfinarium voor mensen met het syndroom van Down. Nou, daar moest Morris ook niks van hebben.” Liever dan in het middelpunt van de aandacht te staan, verliest hij zichzelf in een van de vele activiteiten waar hij blij van wordt. Sjezen op een skelter, in het zwembad plonzen, bowlen, voetballen, biljarten. En niet te vergeten: dansen en playbacken. Vooral Jan Smit vindt hij geweldig. Hij heeft al een paar keer een concert van zijn idool uit Volendam bezocht en is zelfs een keer met hem op de foto gegaan.

Lekker geschilderd

Overdag werkt Morris op een kinderboerderij. Hij voert afwisselend het varken, schaap en de ‘kippies’ – “Jáááá”, zegt hij glunderend als zijn moeder het woord uitspreekt. Ook hakt hij houtjes en haalt soms hooi voor de ezels. Hij voert al deze taken zeer precies uit. Jacky herinnert zich dat hij dat nauwgezette als heel jong kind ook al had. “Op de kinderboerderij bij ons in de buurt kon je een flesje melk kopen om een lammetje drinken te geven. Maar er waren acht lammetjes. Daarom liet hij elk lammetje maar een paar seconden drinken. Hij wilde het eerlijk verdelen.” En op de kinderboerderij waar Morris tegenwoordig werkt gaat zo’n één keer per week ook het schildersschort aan. Zo precies als hij is met het voeren, zo vrij voelt hij zich op het doek. “Ja, ik denk dat het voor hem wel ontspannend is. Je ziet dat het echt lekker geschilderd is. Als je meerdere werken van hem ziet, zie je dat het vooral de kleuren, en de combinaties daarvan, zijn die hem boeien. Het is een soort abstract expressionisme.”

Kunstenaar

Achter de tap van De Souffleur, een 130 jaar oud bruin café dat uitkijkt op de zijkant van de Stadsschouwburg, laat ook Ingrid Baarveld er haar licht op schijnen. “Wat mij opvalt is dat er zoveel tegenstellingen in kleur zijn. Sommige schilderijen hebben vrolijke kleuren en anderen zijn veel meer donker. Ik vermoed dat toen Morris die vrolijke kleuren gebruikte hij blij was en dat toen hij die donkere kleuren schilderde hij zich misschien wat verdrietig voelde.” “Dat klopt helemaal”, valt vader Joop Hamstra haar bij vanaf zijn barkruk. “Dat heb je heel mooi gezegd. Je kunt dat er inderdaad in zien. Ik vind hem dan ook echt een kunstenaar.” Toch is het moeilijk om Morris in een galerie geëxposeerd te krijgen. “Er zijn mensen die hetzelfde soort werk maken die er wel hangen, maar omdat hij Down heeft nemen ze hem minder serieus.”

Staartje

“Ik vind het heel bijzonder dat Ingrid het wél aandurft een kunstenaar met down te exposeren. Ik zie deze expositie als een muis die nog een staartje zal hebben. Dit is een eerste stap voor Morris.” Zijn werken zullen ongeveer een week of zes in De Souffleur te zien zijn. Na het interview en de foto is het tijd om de schilderijen op te hangen. Vol enthousiasme haalt Joop een boormachine tevoorschijn, die hij heeft meegebracht. Maar dat blijkt overbodig. Er hangen nog schroeven in de wand van de vorige expositie. Samen met Ingrid hangt hij vijf werken op. Met als finishing touch daartussen een kleine portretfoto van een stralende Morris. Op een tafeltje voor de wand met de schilderijen is Morris even later druk in de weer met viltstiften en een kleurplaat. Zijn vader ploft vermoeid maar voldaan neer op een stoel midden in zijn stamkroeg, waar Simon Carmiggelt zich als een vis in het water gevoeld zou hebben. Met een grote smile kijkt hij naar de wand en zegt een beetje aarzelend: “Het is toch wel heel grappig, bedenk ik me, dat Morris zijn eerste expositie heeft in het café waar hij ooit min of meer is verwekt.”
Meer verhalen van Arjen J. Zijlstra

Auteur

admin