Buitenspel | Confronterend voetbaljaar

Groningen

[caption id="attachment_72858" align="alignright" width="120"] Wim Masker. Foto: NDC mediagroep[/caption]

Confronterend en leerzaam. Dat was 2017 voor het Nederlandse voetbal. De slechte prestaties van Oranje en de clubs in Europees verband hebben inmiddels ook hun weerslag op de publieke belangstelling. Vooral subtoppers en gewezen subtoppers zien hun klandizie sterk teruglopen. En zelfs in De Kuip bleven onlangs ruim zevenduizend stoeltjes leeg voor de wedstrijd tegen VVV. Nederlandse spelers die naar het buitenland vertrekken, ervaren dat over de grens harder en intenser wordt getraind dan in eigen land. Ook in kleinere voetballanden. Niet zelden belanden ze zelfs daar op de bank of tribune. Voor Nederlandse trainers in den vreemde was het eveneens een confronterend jaar. Eén voor één werden ze in de topcompetities bij het grofvuil gezet. Grootste verwijt aan hen: ze zijn tactisch rigide. Te overtuigd van eigen visie en niet in staat om zich aan te passen aan de hogere eisen van een topcompetitie. Maar er zijn ook lichtpunten. De voormalige expats John van ’t Schip en Erik ten Hag gaven hun ogen in het buitenland goed de kost en hebben met hun nieuw verworven inzichten de eredivisie verrijkt. FC Utrecht is onder Ten Hag een stabiele subtopper geworden en Van ’t Schip toverde PEC om van een kleurloze ploeg in een aantrekkelijk voetballende subtopper. Over de grens vielen de ontwikkelingen in Engeland op. Alle Engelse jeugdteams blonken uit tijdens titeltoernooien met technisch vaardige atleten. Ook de Premier League herwon terrein. Een internationaal recordaantal van vijf Engelse ploegen bereikte de laatste zestien van de Champions League. Met dank aan buitenlandse invloeden loopt het Engelse voetbal in tactische diversiteit en analyse ineens voorop. Wie had dat ooit gedacht? De snelle omwenteling biedt hoop voor het Nederlandse voetbal.

Wim Masker

Meer columns van Wim Masker

Auteur

Marc Jansen