Wim Masker met column Buitenspel 'Zelfkritische Duitsers'

Groningen

Sinds kort is Nico Jan Hoogma directeur topvoetbal bij de KNVB. De Fries dankt zijn aanstelling aan zijn goede prestaties als directeur van Heracles Almelo en aan zijn succesvolle loopbaan als profvoetballer, met name in Duitsland. Hoogma voetbalde zes jaar voor Hamburger SV en schopte het daar tot aanvoerder. In voetbal-Nederland wordt Duitsland als voorbeeldland gezien.

Het verhaal van de Duitse voetbalrevolutie aan het begin van deze eeuw is al vaak verteld. De Duitsers namen na teleurstellende resultaten op EK’s en WK’s een kijkje over de grenzen. Ze leerden meer oog te hebben voor de ontwikkeling van technisch vaardige voetballers. Gevoegd bij al sterk ontwikkelde fysieke en mentale waarden leidde dat tot nieuwe successen. Duitsland werd in 2014 wereldkampioen. Maar het gaat in ons voorbeeldland al een tijdje zo goed niet meer, vinden vooral de kritische Duitsers zelf. Op het EK van 2016 was Frankrijk in de halve finale te sterk voor Die Weltmeister en dit seizoen vloog al voor de winterstop de ene na de andere club uit ‘Europa’ en dat ook nog tegen minder aansprekende tegenstanders. De Bundesliga dreigt subtop te worden, met nog maar één echte topclub. Bondscoach Joachim Löw stak enkele jaren geleden al een waarschuwende vinger op. Hij wees op het gebrek aan Duitse spelers die een tegenstander kunnen uitspelen. Löw krijgt inmiddels bijval van Oliver Bierhoff. De ambtgenoot van Hoogma vindt dat Duitsland opnieuw over de grenzen moet kijken. Met name richting Frankrijk dat wél aan de lopende band creatieve spelers produceert. Nederland is even minder interessant. Dat worstelt met hetzelfde probleem. Voor beide landen zijn er dus betere voorbeeldlanden. Alleen lijken wij dat nog niet door te hebben. Wim Masker.

Auteur

Albert-Jan Garama