Bowling viert halve eeuw

GRONINGEN

Bowlingcentrum Groningen bestaat deze week vijftig jaar. Volgens bedrijfsleiders Arjen Hollenga en Hans Hollé reden genoeg vrijdag 30 maart een feestje te geven voor alle leden.

Door Vincent Trechsel Of het nu met vrienden en heel veel bier is of om juist met een stel kinderen de verjaardag van zoon- of dochterlief te vieren. Elke Stadjer heeft wel bepaalde herinneringen aan de bowlingbanen aan het Gedempte Kattendiep. Deze week behaalt het bowlingcentrum de leeftijd van Abraham en dat wordt door alle leden intern gevierd. “Al zal ik niemand anders de deur weigeren”, knipoogt bedrijfsleider Hollenga (38), die nu bijna 12,5 jaar ‘voor de baas’ werkt. Vijftig jaar bestaan in de bowlwereld is niet niks. Volgens Hollenga bestaat alleen een Bredase vestiging nog langer. Knap dus, die halve eeuw volmaken, maar hoe knap is het om een bowlingcentrum in Groningen te runnen? Bowlen is immers populair volksvermaak en wordt in de samenleving breed gedragen. Hollenga beaamt dat. “En dan is onze locatie ook nog top.”

Banen

Last van de bowlingbaan in Kardinge of van andere gezelligheidssporten zoals bijvoorbeeld darten of poolen heeft Bowlingcentrum Groningen niet. Sterker nog, het gebeurt wekelijks dat Hollenga een keer of dertig ‘nee moet verkopen’. Alle banen bezet dus. Ruimte voor uitbreiding zit er echter niet in. Aan het Kattendiep teert de zaak op dertig actieve leden die competitie spelen en 250 bowlers die meedoen aan de ‘bedrijvencompetitie’. De jaarlijkse studentenaanwas en terugkerende bezoekers zorgen ervoor dat Hollenga niet op zijn tenen hoeft te lopen om klandizie te krijgen. En dan vergeten we bijna nog de Groningers Gea Gerritsen en Albert van Alberen. Tachtigplussers die sinds de opening in 1968 actief lid zijn. Hollenga: “Albert gooit zelfs nog wekelijks competitie.”

Bowlen

Waarom bowlen zo’n populair tijdverdrijf is? Hollenga noemt bowlen tijdloos. Iedereen vindt het leuk en zij die bowlen niks aan vinden, weten hun plekje aan de bar wel te bemachtigen. Sommigen zien bowlen als een gezellig avondje uit, anderen nemen zo’n avond juist heel serieus en proberen elkaar met de hoogste score de loef af te steken. Driehonderd is maximaal bij bowlen. “Dat is de laatste tien jaar nog maar drie keer gebeurt”, vertelt Hollenga. Lachend: “Ik word bij zes strikes achtereen voorzichtig zenuwachtig.” Die maximale score lijkt alleen weggelegd voor de (semi-)profs. Die spelen niet alleen met zo’n Robocop-arm, maar ook met een heel andere bal. Het gewicht van de bowlingbal wordt namelijk bepaald door het gewicht van de kern. Bowlingballen voor de ‘gezellige bowler’ hebben een ronde kern, middenin de bal. Bij pro’s zit de kern vaak niet in het midden van de bal, zodat zij er ook dat gigantische effect aan kunnen geven.

Techniek

Dat gooien van die bal is volgens Hollenga nog wel een dingetje. Dagelijks ziet hij de meest uiteenlopende technieken worden toegepast om de tien pins (geen kegels!) omver te gooien. Dat gaat ook vaak mis. Eén keer in de week raakt een bal het plafond en zelfs dagelijks ziet de bedrijfsleider iemand met gevette garnituurvingers de bal naar achteren gooien. Eén keer leek iemand jeu de boule te spelen, zoals hij de bal weggooide. De bal gleed echter niet mooi van de vingers, maar bleef haken. De middelvinger kraakte onfortuinlijk mee richting pols. Bovenlangs. Allemaal verschillende technieken die passen bij allemaal verschillende mensen. Klanten die het sporadisch leuk vinden om te bowlen of wekelijks een bezoekje brengen aan ‘hun’ bowlingbaan. Voor Hollenga zit het ‘m in de kleine dingen waarmee zijn bowlingcentrum zich onderscheidt. De afgelopen jaren heeft hij samen met collega Hollé iets neergezet wat het succes van de bowling nu bepaalt. Hij heeft niet zoveel invloed op de toestroom van klanten, erkent hij zelf. Maar wat zou het? Bowlen is leuk, en de mensen komen wel. Zo gaat dat namelijk al vijftig jaar in Groningen.

Auteur

Redactie