Wim Masker Buitenspel | Taboe op winnen

Het is een van de slechtst begrepen uitspraken van Johan Cruijff: in het jeugdvoetbal gaat het niet om winnen, maar om talentontwikkeling. Wat voor voetbal je krijgt als winnen er niet toe doet? Ik zie het resultaat geregeld op sportpark Corpus den Hoorn, waar de jeugdteams van FC Groningen spelen tegen leeftijdgenoten van andere profclubs en topamateurs. Vaak valt mij het gebrek aan strijd op. Ik zie jeugdspelers elkaar dan op grote afstand dekken, aanvallers die halfbakken omschakelen, verdedigers die achteruitlopen en bij corners of vrije trappen toekijken in plaats van ingrijpen.

In de eredivisie hetzelfde euvel, je oogst wat je zaait.

In het FOX Sports-praatprogramma Tafel van Kees merkte Nordin Amrabat zondagochtend op dat in Nederland minder met de wil om te winnen wordt gespeeld dan in het buitenland. De oud-speler van onder meer VVV en PSV heeft recht van spreken. Hij voetbalt in Spanje en deed ook ervaring op in Turkije, Engeland en bij het Marokkaanse elftal.

Bij Cruijff stond talentontwikkeling inderdaad voorop. In zijn visie creëert een jeugdtrainer niet de optimale voorwaarden voor een overwinning. Maar schuift een uitblinker die telkens op te weinig weerstand stuit door naar een oudere leeftijdsgroep, laat een speler op een andere positie spelen als dat beter is voor zijn ontwikkeling en geeft in aanloop naar een wedstrijd af en toe een pittige training om spelers ook te leren presteren terwijl ze ‘dikke benen’ hebben. Keuzes die niet bevorderlijk zijn voor het teamresultaat, maar die de ontwikkeling van talenten ten goede komen.

Maar Cruijff verlangde van jeugdspelers wel dat ze – ook onder ongunstige omstandigheden – alles gaven voor een zo goed mogelijk resultaat. Winnen was bij hem zeker niet taboe.