‘Fotografie is een lastig beroep geworden’

GRONINGEN

Roos Bruijns (42) gaat haar eerste zomer in als fulltime fotograaf. Makkelijk is zo’n bestaan niet, maar dankzij reacties van de geportretteerden kan ze niet anders dan doorgaan: "Die zijn te mooi."

Door Vincent Trechsel

Roos was als twintiger een timide, stil paardenmeisje. Onzeker ook. Zo onzeker dat ze nauwelijks op de foto durfde. Toch werd ze gevraagd om model te staan. Er ging een gigantische aarzeling aan vooraf, maar ze stemde toch toe. En een verkeerde stap bleek dat niet, want een succesvolle modellencarrière volgde. Jarenlang heeft de Groningse menig kledingstukken voor de lens gedragen en is ze onder meer werkzaam geweest in Miami, Kuala Lumpur en op Fuerteventura.

Zes jaar geleden werd het modellenleven een halt toegeroepen. Of een halt… Roos heeft tot afgelopen winter nog shoots gedaan, maar in die jaren werd fotografie een belangrijker onderdeel van haar leven. Letterlijk aan de andere kant van de camera staan, begon haar meer en meer te trekken, maar… kon ze dat wel? Ze kocht een camera en begon mensen te portretteren. Eerst veilig wat familieleden. Die bleken al gauw fan.

Eén van haar nichtjes Sophia bijvoorbeeld. Een lief, klein meisje met vuurrode haren. De shoot vond plaats in het hoge gras tussen gele en paarse bloemen. "Het lukte eerst niet helemaal", weet Roos nog. "We waren wat te geforceerd bezig. Toen zei ik overdreven enthousiast tegen haar: wauw, moet je die mooie bloem eens zien. Haar ogen waren gefocust op de bloem en ook haar hand ging er naartoe. Dat leverde zo’n vertederd beeld op."

Fotograferen leek haar van nature wel te liggen, bleek ook wel uit haar portfolio die gaandeweg groeide. Een eigen site werd de lucht in geslingerd, en voorzichtig druppelden de eerste opdrachten binnen. Verliefde stelletjes, moeders of vaders met hun kinderen, profielfoto’s voor bijvoorbeeld LinkedIn, fotografie met paarden… alles kwam voorbij en alles legde ze met evenveel passie vast. En toch is het ondanks die vele opdrachten geen vetpot, waar Roos het van moet doen. "Er is zoveel concurrentie, ook van amateurs, die ook gewoon heel goed zijn. Fotografie is een lastig beroep geworden om van te leven."

Toch gaat ze ermee door. Reacties van de mensen die ze fotografeert stimuleren haar. Iedereen heeft iets moois, meent ze. Zij wil dat graag belichten. "Sommigen zijn bang om zichzelf terug te zien op een foto, of zijn überhaupt bang om voor een camera te staan. Mensen moeten gerust gesteld worden. Tijdens de shoot laat ik ze gewoon alvast wat foto’s zien. ‘Kijk eens hoe mooi je erop staat’, zeg ik dan. ‘Verdomd, wat zie ik er goed uit’, krijg ik vaak te horen. Dat is zó mooi! Missie geslaagd."

Onlangs nog dook ze met haar vriendin Lianne het Noorderplantsoen in voor een fotoserie. Ze kennen elkaar van de sportschool en Roos had haar gevraagd om wat bijzondere portretten te mogen maken. Dat vond Lianne aanvankelijk maar niks. Ze twijfelde enorm, was onzeker maar ging toch overstag.

Doodnerveus stond Lianne voor haar eerste fotoshoot bij de grote vijver in het plantsoen, niet wetende hoe ze in de camera moest kijken. Roos probeerde haar gerust te stellen, haar eigen enthousiasme over te brengen en Lianne een ‘happy gevoel’ te geven. Het leek te lukken, Lianne voelde een positieve vibe, begon meer en meer te stralen, waarna de foto’s spontaner werden. Volgens Roos laat haar vriendin zien wie ze is en dat ze er mag zijn. Roos weet zelf inmiddels wat dat inhoudt. Het kan je zomaar een carrière voor de camera opleveren. Maar evengoed ook erachter.