‘Ik componeer met hout’

GRONINGEN

Meubelmaker Peter Jan Brouwer is een ambachtsman. Of hij nou een kast, tafel, deur of stoel maakt: hij geniet van de uitdaging om met écht hout en traditionele technieken tot een zo mooi en duurzaam mogelijk resultaat te komen.

Door Arjen J. Zijlstra

De aantrekkingskracht van hout zat er bij Peter Jan Brouwer (29) al vroeg in. Terwijl zijn leeftijdsgenootjes hamertje tik speelden, maakte hij zijn eerste werkstukjes van hout. “Op de kleuterschool hadden we een soort werkbankje staan in een timmerhoek, ik wilde eigenlijk nooit wat anders doen dan daar werken. Mijn ouders dachten, nou dan geven we hem voor zijn verjaardag een timmerset met echt gereedschap erin. Een van de eerste dingen die ik maakte was een houten bakje voor de verjaardag van mijn opa.”

“Later heb ik nog wel meer dingen gemaakt, zoals een voetbaldoel en toen ik in groep vijf zat heb ik samen met mijn vader een hoogslaper gemaakt. Ik kreeg in die tijd ook een accu-schroefboormachine cadeau. Die moest mijn vader trouwens wel af en toe lenen. Dus ik heb een beetje het vermoeden dat het cadeautje ook een beetje voor hemzelf was, haha.”

Schrijnwerker

Toen de middelbareschooltijd aanbrak, begon een periode waarin Brouwer zelden een stuk gereedschap aanraakte. Zijn handen begonnen pas weer te jeuken tijdens zijn studie Kunstgeschiedenis, waarin hij uiteraard onder meer van alles leerde over verschillende meubelstijlen en meubelbouwtechnieken door de eeuwen heen.

Het schudde de meubelmaker in hem wakker. Zodanig zelfs dat hij na het afronden van zijn bachelor Kunst- en Architectuurgeschiedenis er niet voor koos om restaurator te worden – iets wat hij eerst in zijn hoofd had – maar om het vak van meubelmaker te leren.

In Amsterdam bezocht hij het Hout- en Meubileringscollege en ging vervolgens stagelopen bij een gerenommeerde schrijnwerker, Arno Kalfsvel, in Amsterdam. “Het had ook wel in Groningen gekund, maar wat meestal wordt aangeduid als meubel maken dat is in werkelijkheid meer interieurbouw. Daar wordt niet echt hout gebruikt maar plaatmateriaal. Dan kun je veel sneller en dus goedkoper werken. Die ontwerpen zijn soms heel mooi en dat soort meubelen heb ik zelf thuis ook wel. Maar ik wilde leren om op traditionele wijze met echt hout te werken en alles wat erbij komt kijken.”

Geen schuifmaatje

Traditionele technieken die Brouwer tijdens zijn opleiding had geleerd, kreeg hij tijdens zijn stage nog meer in de vingers, zoals de pengat- en zwaluwstaartverbinding. “Tegenwoordig zijn er bijvoorbeeld zogeheten deuvelapparaten om dingen makkelijk aan elkaar te zetten, maar het leuke is dat uit onderzoek blijkt dat de klassieke verbindingen nog steeds het sterkst zijn.”

Brouwer had op zijn eerste stagedag echter wel even een schrikmoment. “Bijna elke meubelmaker gebruikt een schuifmaatje, waarmee je tot op de tiende millimeter precies kan meten. Het eerste wat ik te horen kreeg was: Een schuifmaatje gebruiken we hier niet. Ik dacht: hoe moet ik dan ooit iets opmeten!”

“Mij werd uitgelegd dat het niet zo belangrijk is of iets bijvoorbeeld precies twintig millimeter is, zolang het maar overal hetzelfde is en past. Als je twaalf zwaluwstaartverbindingen moet uittekenen dan kun je dat het beste doen door steeds het ene houtje op het andere stuk hout te leggen en dat af te strepen. Dat is het ’t meest precies want er is geen tussenstap van een meetinstrument. Zoiets vind ik echt een voorbeeld van vakmanschap wat ik daar leerde.”

Componeren

In zijn werk geniet Brouwer het meest van de uitdagingen waar het hout hem voor stelt. “Hout is een natuurlijk materiaal en niet zo voorspelbaar als plaatmateriaal. Er zijn meerdere factoren waar je tegelijkertijd rekening mee moet houden. Ik ben nu een tv-meubel aan het maken. De bovenplaat is behoorlijk breed. In een meubelfabriek wordt dat gemaakt uit willekeurig samengelijmde stukken hout. Maar de houtnerf loopt dan niet mooi door in een andere plank. Ik besteed juist heel veel tijd om die nerven mooi in elkaar over te laten lopen en te kijken welk stukje hout waar in het meubel moet komen.”

“Verschillende stukken hout kunnen ook weer anders gaan werken: de een kan meer de neiging hebben bol te gaan staan en de ander juist hol. Door die stukken op een bepaalde manier met elkaar te verbinden hef je dat tegen elkaar op. Zo is het constant puzzelen om zo’n natuurproduct als hout naar mijn hand te zetten in de vorm van een meubel. Het is componeren met hout. Dat vind ik ontzettend leuk om te doen.”

Duurzaam

Maar het is wel een compositie waar de klant ook blij van moet worden. “Qua stijl ga ik altijd af op wat de klant wil. Die moet het uiteindelijk mooi vinden. Alleen ik heb wel bepaalde dingen waar ik niet van wil wijken. Een van die dingen is dat ik een meubel maak uit één boom, dan heeft al het hout dezelfde kleur. En zoiets simpels als ladegeleiders, daar wil ik alleen de beste van kopen. Dus klanten hebben minder invloed op het kwaliteitsniveau.”

Brouwer onderstreept ook nog dat traditioneel gemaakte meubels duurzaam zijn. Het zijn geen meubels die na 25 jaar op de stort belanden en ze zijn sowieso ook gebouwd om lang mee te gaan. “Ik houd er bijvoorbeeld altijd rekening mee dat het hout gaat werken. Wat je vaak ziet is dat een tafelblad wordt vastgezet met een ijzeren onderstel. Dan zie je ook bij duurdere woonwinkels, maar dan kan het hout niet werken en weet je dat er na tien jaar scheuren in komen.”

Maar heeft de ambachtelijke werkwijze van Brouwer ook niet te maken met een hang naar vroegere tijden? “Mensen zeggen soms: Het is toch pure nostalgie dat je nog met de hand schaaft? Maar dat is niet zo. Als ik met de hand schaaf en het daarna in de olie zet, dan krijg je meer contrast. Soms kies ik ervoor om iets daarom juist wel te schuren. Maar die traditionele technieken hebben dus wel allemaal hun waarde. Het is geen nostalgie.”

Website: www.meubelmakerij-pjbrouwer.nl