FC Groningen zondag 48 jaar

GRONINGEN - Eind volgende week start FC Groningen de voorbereidingen op weer een nieuw seizoen. Maar voor het zover is, verjaart de Trots van het Noorden. Zondag is het exact 48 jaar geleden dat de club een nieuw leven begon onder de naam FC Groningen. Een kleine halve eeuw in vogelvlucht.

In het begin van de jaren zeventig is er een opvallende ontwikkeling gaande in het betaalde voetbal dat dan nog grotendeels op semiprofessionele basis wordt beoefend. Gemeenten moeten steeds vaker bijspringen als plaatselijke profclubs weer eens in de financiële problemen zijn gekomen. In ruil daarvoor willen zij de plaatsnaam terugzien in de clubnaam.

Overal in het land fuseren noodlijdende clubs of veranderen ze van naam. In Utrecht gaan DOS, Elinkwijk en Velox op in FC Utrecht; in Amsterdam smelten DWS, Blauw Wit en Volewijckers samen in FC Amsterdam en FC Den Haag is het resultaat van een fusie tussen ADO en het Scheveningse Holland Sport.

Elders dragen profclubs voortaan de naam van de stad. Zo verandert HVC in SC Amersfoort, DFC in FC Dordrecht en GVAV in FC Groningen. GVAV, in 1971 nog kampioen van de eerste divisie, verandert dat jaar niet alleen van naam maar ook van kleur. Het blauwe shirt, de witte broek en rode kousen maken plaats voor de stadskleuren wit en groen.

Stroeve start

De opvolger van het aloude GVAV beleeft een stroeve start. In het eerste jaar doet FC Groningen het als gepromoveerde club nog vrij redelijk met een twaalfde plaats, maar twee jaar later, vier jaar na de degradatie van voorganger GVAV, volgt opnieuw een degradatie.

Het restant van de jaren zeventig zal FC Groningen in de eerste divisie doorbrengen. Zes jaar lang, met als dieptepunt het derde seizoen. Groen-wit wordt dan achtste.

Even voor het historisch perspectief: Cambuur, Heerenveen en het in 2013 ter ziele gegane Veendam eindigen nog lager dan de nog jonge FC. En Emmen? Dat treedt pas in 1985 toe tot het betaalde voetbal.

Opmars

In 1980 wordt FC Groningen kampioen van de eerste divisie en keert terug waar de club gevoelsmatig hoort. Voorzitter Renze de Vries spreekt meteen hoge ambities uit. Hij wil met zijn club Europa in. Het zal FC Groningen het hele seizoen achtervolgen. Uiteindelijk degradeert de club net niet.

Een jaar later, met de 18-jarige Ronald Koeman als ster in wording, wordt FC Groningen zevende. Het jaar daarop worden de broers Ronald en Erwin Koeman herenigd en levert de vijfde plaats Europees voetbal op. FC Groningen schakelt in de eerste ronde Atletico Madrid uit en herhaalt dat kunstje vijf jaar later nog eens.

De jaren tachtig vormen sowieso een succesvol decennium. FC Groningen wordt kampioen van de eerste divisie in 1980, eindigt zes keer in het linker rijtje, speelt vier keer Europees voetbal en bereikt in 1989 voor het eerst de bekerfinale, die overigens kansloos met 4-1 verloren gaat tegen PSV.

Zwart geld

Achteraf blijkt een groot deel van de successen met zwart geld te zijn gerealiseerd. Tot sportieve sancties leidt dat niet. Wel heeft het gerechtelijke gevolgen voor de verantwoordelijke bestuurders. Twee van hen belanden achter de tralies.

Het Groningse publiek rekent ook eind jaren tachtig al snel af met mindere resultaten. En die zijn er legio onder trainer Ron Jacobs. Het bezoekersaantal keldert naar ruim 7000.

Ondanks aantrekkelijk voetbal onder Jacobs’ opvolger Hans Westerhof duurt het even voordat het publiek de gang naar het stadion terugvindt. Maar als de club onder Westerhof met aanvallend voetbal meestrijdt om de titel zit het Oosterpark voller dan ooit tevoren.

De club probeert krampachtig met onverantwoorde uitgaven een vervolg te geven aan de ‘abnormale’ topprestaties en raakt in een negatieve spiraal. Zeven jaar later resulteert dat in degradatie en bittere financiële ellende.

Stabiel

Onder directie van Hans Nijland breekt na enkele jaren de meest stabiele periode in de clubgeschiedenis aan. Vooral na de verhuizing naar Euroborg in januari 2006 groeit FC Groningen uit tot een vaste bewoner van de middenmoot in de eredivisie.

De afgelopen veertien jaar is de club tien keer bij de middelste zes geëindigd, drie keer bij de eerste zes en slechts eenmaal bij de onderste zes.

De voornaamste uitdaging voor de komende jaren is het ontwikkelen van een speelstijl die het kritische publiek meer aanspreekt.