Van San Salvador naar Haren: ‘Het is heerlijk rustig’

HAREN Bijna twee jaar geleden kreeg Vicente Artola (37) een onderzoekbaan bij het UMCG. De El Salvadoriaan zocht en vond aanvankelijk een woning in het zuiden van de stad.

Hij woont inmiddels met zijn vrouw Marilyn (32) en hun zoontjes van 6 en 7 met veel genoegen in het groene Haren.

Vicente en Marilyn leerden elkaar een kleine vijftien jaar geleden kennen in San Salvador, de hoofdstad van El Salvador, een Centraal-Amerikaanse republiek aan de Stille Oceaan met ruim 6,5 miljoen inwoners. Beiden groeiden op in middelgrote gezinnen. Marilyn: „Ik was de tweede in een gezin met vier kinderen.” Bij Vicente waren ze thuis met zijn vijven, hij heeft een jongere broer en zus. „We komen beiden uit grote families met veel ooms en tantes. Onze ouders hadden wel veel broers en zussen.”

UMCG

Marilyn studeerde pedagogie in San Salvador en haalde een master in Integrated Management. Vicente deed er geneeskunde en Engels. Na een tijd in San Salvador als onderzoeker aan de slag te zijn geweest, zocht hij de uitdaging van een breder en groter onderzoek en vond die bij het UMCG in Groningen. Marilyn geeft Spaans aan de RUG en doet vertaalwerk. Vicente reisde zijn gezin vooruit en vond eerst voor zichzelf tijdelijk onderdak in Helpman. „Ik wilde graag in het zuiden van de stad wonen omdat het daar rustiger is voor een gezin met opgroeiende kinderen.” Toen het vanwege de krappe woningmarkt niet lukte om een woning aan de zuidkant van Groningen te vinden, verschoof de aandacht naar Haren en daar lukte het wel. Het gezin betrok er eerst een huurwoning. „Twee maanden geleden zijn we verhuisd naar een koopwoning.”

Koud

Voor het gezin Artola was de overgang van het tropische San Salvador naar Nederland in meerdere opzichten een flinke overgang. „Ik vond het hier erg koud, toen ik in november 2018 arriveerde, vertelt Vicente, terwijl Marilyn hun beide zonen van de zwemles in Scharlakenhof haalt. „Waar ik ook erg aan moest wennen waren de maaltijden. In San Salvador eet je drie keer per dag uitgebreid. Hier heb je een hoofdmaaltijd en eet je daarnaast twee keer per dag brood. Veel brood. Ik ben daar nu wel aan gewend. In het begin toen het hier zo koud was, deed ik de broodjes in de magnetron om toch het gevoel te hebben van een warme maaltijd.” Over Nederland is hij erg te spreken. „Het is een heel mooi land. De meesten mensen zijn heel vriendelijk en willen graag helpen.” Vrienden maken met Nederlanders is een ander verhaal. „Het is moeilijk om diepgaande gesprekken te voeren. Ze verlopen vaak wat oppervlakkig. Maar het is niet alleen de taal. In El Salvador gaan we normaal ook met vrienden warmer om. Je maakt vaak grapjes, geeft elkaar een spontane knuffel, een schouderklopje, kietelt elkaar. In zijn algemeenheid gebeurt dat hier toch minder”, ervaart Vicente.

Fietsen

Het is overigens opmerkelijk hoe goed hij en Marilyn al Nederlands spreken, terwijl ze dat op hun werk niet doen en ze door dat werk en de kinderen weinig tijd over houden om zich de taal eigen te maken.

Waar ze ook aan hebben moeten wennen is fietsen. Het was voor beiden een tijdje geleden dat ze dat hadden gedaan. Vooral het drukke stadsverkeer maakte het even lastig. Maar ze fietsen nu inmiddels beiden graag. „Al gaat Google ervan uit dat je harder fietst dan ik doe”, vertelt Vicente lachend. „Ik zou volgens hen in een uurtje in Grootegast zijn. Maar de heenweg duurde bijna twee uur en de terugweg met een stevige tegenwind zelfs drie uur.”