‘Jammer dat veel mensen de stad weer verlaten’

GRONINGEN De rust en de levendigheid. Deze twee ogenschijnlijk tegenstrijdige kenmerken van Groningen spreken Stephan Veenstra (39) erg aan in zijn geboortestad.

Net als het feit dat de kroegen er normaal gesproken geen sluitingstijd kennen. „Enige minpunt vind ik dat veel mensen uit Groningen vertrekken.”

Stephan werkt samen met zijn broer Michel in hun winkel in de Folkingestraat. Een zaak in antiek, curiosa en muziekplaten. De twee werken er al zo’n twintig jaar samen. De broers zijn opgegroeid in Vinkhuizen in een gezin met vier jongens. „Vinkhuizen was een heerlijke wijk om in op te groeien. Er woonden veel jonge mensen, je kon er veel buiten zijn en van huis uit kregen we veel vrijheid.”

Na zijn middelbareschooltijd aan het Kamerlingh Onnes gaat Stephan een middelbare beroepsopleiding detailhandel volgen. Hij komt er al snel achter dat dit niks voor hem is. „Ik schat dat 95% van wat ik daar leerde voor mij niet interessant was. Ik vond het tijdverspilling. Daar kwam nog bij dat de school ook niet een van de sfeervolste ter wereld was. Ik was in die tijd ook al voorzichtig bezig met werken bij Klinkhamer. Daarnaast werkte ik voor Albert Heyn.”

Handel

Het fenomeen handel vindt hij al op heel jonge leeftijd boeiend. Als 10-jarige verkoopt hij tijdens Koninginnedag op de vrijmarkt spullen die hij van buren heeft gekregen. „Aan het eind van de dag had ik dan zo’n 150 gulden verdiend. Dat vond ik heel interessant.” Hij gaat vaker aan vrijmarkten meedoen en merkt dat er soms bijna wordt gevochten om de spullen die hij in de verkoop heeft. „Ik zag ook dat mensen spullen omdraaiden om te zien waar ze gemaakt waren. Ik ging daar als scholier ook onderzoek naar doen. Ging me er echt in verdiepen door er van alles over te lezen. Bezocht daarvoor de bibliotheek.”

Hij slaat geregeld voor schooltijd zijn slag bij Mamamini en komt dan wel eens te laat in de klas. „Maar dan had ik wel iets voor 20 gulden gekocht wat ik later weer voor 200 gulden zou verkopen.” Als hij twee jaar bij Klinkhamer werkt, komt zijn broer ook in de winkel werken . „Michel was al een tijdje bezig met het zo goedkoop mogelijk kopen van bijzondere platen. Ik wist nog goedkopere adressen te vinden.”

Contact met mensen

Het mooie van een fysieke winkel als Klinkhamer vindt hij het persoonlijke contact met mensen. „Dat heb je niet met een beeldscherm. Wat wij verkopen leent zich ook niet zo voor een webshop. Wij hebben geen voorraden en verkopen vooral unieke producten.” Dat wil niet zeggen dat ze online niks verkopen. „Alleen bezorgen we dan zelf. Tijdens de lockdown hebben we een aantal dingen gefotografeerd en online gezet. Je doet wat je kan. Je moet niet bij de pakken gaan neerzitten. Zo van: het is allemaal niet eerlijk. Dan raak je in een negatieve spiraal. Ik denk dat het coronavirus ons nog wel een jaar bezighoudt en misschien nog wel langer.”

Stephan woont inmiddels al lang niet meer in Vinkhuizen, maar in Helpman. „Groningen is prettig compact. Je bent overal zo. Ik ben in twintig minuten bij mijn moeder in Vinkhuizen. Ik hou ook van de rust in de stad, er gebeuren hier relatief weinig vervelende dingen. Tegelijkertijd hou ik ook van de levendigheid door de studenten. Groningen zal daardoor altijd een jonge stad blijven. Bijzonder is ook dat de kroegen geen sluitingstijd kennen. Wij vinden dat heel normaal, maar in andere steden is het dat niet. Daar moet je echt op zoek.”