Doek valt voor binnenstadsbakker Meijer

GRONINGEN Voor het laatst dat er lange rijen staan voor de stadsbakkerij van Wim Meijer in de Oude Kijk in ‘t Jatstraat. Voor het laatst de geur van vers brood als je langsloopt. Voor het laatst dat Wim Meijer de oven aanzet in de warme bakkerszaak.

,,Waar kan ik nu terecht voor mijn stokbrood”, informeert een lichtelijk ontredderde klant die de afgelopen jaren gewend is om hier zijn brood te halen.

,,Bij een andere bakker”, klinkt het nuchter aan de andere kant van de toonbank. De jonge meiden die het dag in dag uit het brood snijden en afrekenen moeten op zoek naar een andere baan, want Wim Meijer gaat naar Friesland. Hij blijft bakker. ,,Ik ga aan de slag bij een soort Knol’s Koek, dus ze maken er allemaal typische Friese producten.”

Dus de Groningse bakker staat straks op de kop in de Friese dûmkes en oprjochte sûkerbolle. Wel met een beetje pijn in het hart. Want hij heeft tien jaar met veel plezier in de bakkerij gewerkt. Hij komt uit een bakkersfamilie. Zijn broer runt Bakkerij Meijer in Helpman. ,,We zijn apart verder gegaan, ik ben hiuer tien jaar geleden begonnen. In het begin liep het niet. Kwam ik hier ‘s morgens met drie kratjes brood. Adverteren wilde mijn vader niet, want dat was veel te duur. Gelukkig kreeg ik wat hulp van een paar goede bakkers die me een paar dagen geholpen hebben om hier de boel goed op te zetten, we hebben mooie recepturen ontwikkeld. De boel mooi gepresenteerd.”

Dat heeft geholpen. Want de loop kwam er in en is er eigenlijk nooit meer uitgegaan. Maar het contract liep na tien jaar af. Meijer moest kiezen: verlengen of een andere koers kiezen. Hij had de hoop het pand over te kunnen kopen, maar kwam er niet uit met zijn huurbaas. Reden om de boel achter zich te laten. ,,Ik ben nu veertig”, zegt Meijer. ,,Ik heb de afgelopen jaren tachtig uur per week gewerkt.”

Tijd voor een nieuwe fase. En met de kommer en kwel valt het wel mee. In de zaak hangen roze ballonnen. ,,Ik ben net vader geworden van een dochter”, zegt Meijer. ,,Ja, het komt allemaal wel een beetje tegelijkertijd.”