Het kan vriezen, het kan dooien, maar stad maakt zich op voor de zomer

GRONINGEN Toen de vorige editie van De Gezinsbode op de mat plofte, zaten er vele honderden jongeren in het gras van het Noorderplantsoen te genieten van de zon, de warmte, een geïmproviseerde barbecue, een drankje, een joint en vooral van elkaars gezelschap.

Enkele dagen later, Tweede Paasdag tornde een eenzame fietser tegen een noordelijke hagelstorm op en vroor het nog nét niet. Prince had ons nog zo gewaarschuwd: ‘Sometimes it snows in april’. En er zijn nog altijd de evenmin te versmaden volkswijsheden als: april doet wat-ie wil. En: aprilletje zoet, draagt soms een witte hoed. Nu de nieuwste editie van de Gezinsbode wordt bezorgd zal het witte hoedje verdwenen zijn en komt toch echt de zomer eraan.

Hoe die zal verlopen in Groningen, hangt mede samen met covid. Feit is dat nu al de roep om de terrassen te openen aanzwelt. Horeca-ondernemers zien knarsentandend aan hoe de mensen hutjemutje samenkruipen in de parken en plantsoenen van de stad. Op de kades van de Diepenring wemelt het van de studenten die in de zon genieten van een bij de Albert Heijn of de Jumbo gescoord drankje. Reuzegezellig, maar de puinhoop die vorige week woensdag en dinsdag achterbleef in het Noorderplantsoen is eigenlijk met geen pen te beschrijven. Er werden vorige week in het Noorderplantsoen negentien boetes uitgedeeld aan mensen die zich niet aan de coronaregels hielden en het alcoholverbod overtraden. Handhavers riepen via speakers op om afstand te bewaren en zich niet in groepjes groter dan twee personen op te houden. Twee mensen werden gearresteerd. Het overgrote deel van de bezoekers hield zich na een kort gesprek met handhavers alsnog aan de regels.

Vooralsnog wijst de gemeente de mensen er op dat er meer in de wereld is dan het Noorderplantsoen: het Stadspark, het Bernouilliplein, het Stadsstrand, Kardinge. In het hele land is het druk buiten. Reden voor burgemeesters van grote steden om een oproep te doen de terrassen weer te openen. Burgemeester Koen Schuiling vindt het daarvoor nog te vroeg. Hij wil aanzien hoe covid zich ontwikkelt.