GroenLinks in Groningen lijkt vleugellam in stadsbestuur

GRONINGEN Nog een jaar tot de verkiezingen. De wethouders van GroenLinks in Groningen mogen zich afvragen hoe ze in vredesnaam heelhuids de eindstreep halen. Terugblik op een treinongeluk in slow motion.

Begin 2019 begon het huidige stadsbestuur van Groningen aan een martelgang die voor de GroenLinks-wethouders nu al ruim twee jaar duurt. Glimina Chakor was al vier jaar fractievoorzitter en raadslid van GroenLinks toen ze op het pluche belandde. ‘Is zij de nieuwe Karin Dekker die ondernemers in de gordijnen jaagt’, vroeg de Groninger Internet Courant zich destijds hoopvol af. Helaas, Chakor ontbeert de visie, de bestuurlijke skills en het politieke raffinement dat GroenLinks-wethouder Dekker aankleefde.

Een belangrijk GroenLinks kroonjuweel waarvoor Chakor verantwoordelijk was, de invoering van Diftar, sneuvelde onverwachts tijdens een chaotische nachtelijke raadsvergadering. ‘Ongekend politiek amateurisme’, was het spijkerharde oordeel van de SP. Intussen kun je gerust de conclusie trekken dat Chakor tot nu toe verder vrijwel niemand in de gordijnen heeft weten te jagen, behalve hele volksstammen rond het Stadspark die ze de dampen heeft aangedaan met de onhandige en voorbarige presentatie van een boterzacht businessplan voor het Stadspark. Daarbij zorgde ze voor onnodig veel onrust door te goochelen met aantoonbaar onjuiste aantallen lawaaidagen die zouden zijn toegestaan op de Drafbaan en daarbuiten. Ook toonde ze weinig empathie voor de bewoners die tijdens het festivalseizoen veel last hebben van de dreunende bassen en de grote bezoekersaantallen. ‘We geven hier af en toe een feestje’, liet ze optekenen in deze krant. Een klap in het gezicht van omwonenden, maar daarnaast vooral erg onnodig en onhandig.

Dit gebrek aan empathie kleeft ook haar vakbroeder Philip Broeksma aan. IJzeren Heinig houdt hij vast aan het volzetten van de Lagelandster polder met zonnepanelen, tot woede en verbijstering van omwonenden. Ten zuiden van Haren maakt hij doodleuk plannen voor zonneparken in het kwetsbare historische landschap. Als vervolgens de pleuris uitbreekt, dan zegt hij dat hij verbaasd is over de hoeveelheid reacties. Verder zegt hij dat de windmolens bij Roodehaan wat hem betreft straks in de kleuren van de regenboog geschilderd mogen worden. Leuke opmerking aan de borreltafel na afloop van een ledenvergadering van de plaatselijke afdeling van GroenLinks, maar richting Stadjers die straks zo’n zwiepend ding in de achtertuin hebben, weinig sjiek.

Dat een mens privé in een bubbel leeft, is tot daar aan toe, maar als je als wethouder geen idee hebt wat de gevoelens zijn van mensen ten aanzien van onderwerpen die hun leefomgeving drastisch aantasten, dan zit je op de verkeerde plek. Want het reslutaat is inmiddels dat elk initiatief, iedere luchtballon ten aanzien van de energietransitie met de grootst mogelijk argwaan wordt ontvangen door Stadjers. Onder aan de streep maakt dit soort bestuurlijk gedrag de geesten rijp voor kernenergie en dat is nou nét iets waar GroenLinks niet blij van wordt.

Eigenlijk is het bergafwaarts gegaan met het vertrek van de (wel) ervaren GroenLinks-wethouder Mattias Gijsbertsen. Het lijkt erop dat hij in het begin zijn onervaren collega-bestuurders aan de hand heeft genomen. Met zijn vertrek bleven twee verweesde wethouders achter. Wat de ramp compleet maakte, was de entree van wethouder Isabelle Diks. Zij raakte als Tweede Kamerlid in opspraak door ten onrechte ontvangen vergoedingen. In Groningen werd een plek ‘in de luwte’ voor haar gevonden. Althans, dat was de bedoeling. Van de drie GroenLinks-wethouders is zij het meest vleugellam. Ze kan geen kik geven of ze krijgt met name op social media emmers vitriool over zich heen. Als ze wel een kik geeft, blijkt ze zo onhandig dat ze zich ook in de gemeenteraad moet verantwoorden. Twee weken geleden over haar opmerking over werkeloze ouders die op de bank hangen, deze week wil de SP opheldering over haar uitspraak bij de presentatie van een armoedeproject dat vrouwen in armoede goed moeten nadenken of ze wel een kind nemen.

Los van de vraag of ze die aanhoudende keiharde kritiek over de vergoedingen verdient, wordt het Diks door die voortzeurende kritiek onmogelijk gemaakt om als bestuurlijke voorvrouw van de armoedebestrijding op te treden. Ze was al aangeschoten wild. Dat ze zichzelf vervolgens voortdurend in de voet schiet, werpt wel de vraag op waarom ze nog steeds wethouder in Groningen is.

Hoe dan ook. Over een jaar zijn er verkiezingen. Best mogelijk dat GroenLinks weer een of meer wethouders moet leveren voor een volgend college. Het lijkt verstandig dat de partij nu alvast op zoek gaat naar een paar zwaargewichten. Want nog een keer vier jaar dit gestuntel is niet goed voor in elk geval de armoedebestrijding in de stad, het draagvlak voor de energietransitie en het afvalbeleid.

Door Bram Hulzebos